Jos Geysels schreef een opiniestuk dat we graag met jullie delen:
Mensen in armoede in de ‘bad bank’?
Vorige week lazen we dit ellendige bericht in de kranten: “Steeds meer mensen lijden honger en doen beroep op voedselhulp.” Nu de kredietzeepbel is ontploft en de financiële crisis ons economisch leven beheerst, neemt de groep mensen met een onzeker bestaan alsmaar toe.
We horen het de Vlaamse bewindsploeg dan ook graag zeggen: “Vlaanderen zet in op een solidaire en warme samenleving. Vlaanderen, waar intensieve armoedebestrijding een topprioriteit is!” Tegen 2020 wil de Vlaamse regering voor elk gezin (ongeacht de samenstelling) minstens een inkomen dat de Europese armoederisicodrempel bereikt, een halvering van het aantal kinderen die geboren worden in armoede, de halvering van het aantal mensen die in een huis wonen met twee of meer structurele gebreken, …
Durf
Mooie doelstellingen voor de aanpak van een harde realiteit. En zoals de minister-president onlangs in zijn beleidsverklaring zei: “Hiervoor is durf vereist”. Wel, die durf zal nodig zijn wil Vlaanderen deze doelstellingen behalen. Het aantal kinderen dat in een kansarm gezin geboren wordt, is de laatste jaren verdubbeld tot 8,3%. 20,2 % van de 65-plussers en 22,3% van de eenoudergezinnen heeft een armoederisico.
De huidige aanpak werkt blijkbaar niet. Echte ingrijpende maatregelen en budgetten om armoede te bestrijden, ontbreken. Het huidige armoedebestrijdingsbeleid beperkt zich tot het beheer van de armoede. Dus ja, durf is vereist. Durven investeren in solidariteit en in het sociaal kapitaal, in alle Vlamingen en niet alleen in de happy few zoals de minister-president zelf zegt.
Volgens de septemberverklaring van de Vlaamse regering zou de uitvoering van het Vlaams Actieplan Armoedebestrijding op kruissnelheid komen. Geweldig nieuws, maar wel opmerkelijk als er tot voor het zomerreces slechts 14 van de 194 acties werden afgerond en de Vlaamse regering dan maar besliste 15 prioriteiten aan te pakken.
Dit staat in schril contrast met dat ander project van de Vlaamse regering: Vlaanderen in Actie waar ruim 92% van 338 projecten op schema zit.
Te weinig, te laat
Zeggen dat er niets gebeurt, zou niet correct zijn. De Vlaamse regering gaat nieuwe sociale woningen bouwen. Dit is broodnodig, want er staan 83.768 mensen op de wachtlijst. De regering heeft nu beslist het groeipad te verlengen en 6.000 extra woningen te voorzien voor gezinnen met een minder laag inkomen. Klinkt positief, maar tegelijk heeft men de deadline voor de hele uitbreiding verlengd naar 2023. Dat betekent dat diegenen op de wachtlijst nog langer moeten wachten. Het betekent ook dat de mensen met de laagste inkomens niet in aanmerking komen voor die 6.000 extra woningen. Bovendien is het aantal gezinnen dat een financiële tegemoetkoming krijgt via de huursubsidie te laag om de hoogste nood te lenigen.
En wat dan met de extra plaatsen voor kinderopvang? De Vlaamse overheid trekt 15 miljoen uit voor inkomensgerelateerde opvangplaatsen. Ook mensen in armoede kunnen dan een beroep doen op kinderopvang. Klinkt alweer goed. Blijft echter de vaststelling dat we hiermee nog altijd maar in 48 procent van de nodige plaatsen voorzien. Het gestelde doel om tegen 2020 voor elk kind tussen 3 maanden en 2,5 jaar een opvangplaats te voorzien, verdwijnt hiermee uit het zicht.
De Vlaamse regering wil de mensen in armoede ook aan het werk. Goed nieuws! Kwaliteitsvol werk is om diverse redenen een belangrijke opstap uit kansarmoede. Maar mensen in armoede moeten ook werk krijgen. Ze hebben nood aan opleiding en begeleiding, aan harde engagementen van het bedrijfsleven om hen aan te werven. Welke maatregelen en welk budget de Vlaamse regering hiervoor uittrekt, is echter onduidelijk.
Verzet tegen armoede en sociale uitsluiting
Op 17 oktober, de Werelddag van Verzet tegen armoede en sociale uitsluiting, blijven we bijgevolg nog steeds met onze vraag zitten. Volstaat dit Vlaamse beleid om een antwoord te bieden op wat een onzekere toekomst brengen zal? We denken van niet. Indien Vlaanderen haar ambitie als solidaire en warme samenleving wil waarmaken en al haar burgers door de moeilijke jaren wil loodsen, dan zal het met meer en beter voor de dag moeten komen. Het is niet omdat ministers op 17 oktober massaal participeren aan allerhande activiteiten tegen armoede dat ze in hun beleid duidelijke keuzes maken. Sympathiek, maar hoeveel van de 230 miljoen euro extra beleidsmiddelen zetten de ministers in voor armoedebestrijding? Zijn ze bereid een degelijke armoedetoets in te voeren – ruimer dan enkel bij de zogenaamde sociale maatregelen – opdat nieuwe regelgeving ook gunstig uitvalt voor de minst kapitaalkrachtigen?
Uiteraard ligt niet alles bij de Vlaamse overheid. Ook de nieuwe federale regering heeft werk op de plank. Verbijsterend trouwens om vast te stellen dat de nota Di Rupo nauwelijks met een woord over armoedebestrijding rept, terwijl 1,6 miljoen Belgen in weinig benijdenswaardige omstandigheden leven. Op een moment dat alweer een bank met miljarden euro overheidsgeld gered wordt, blijft het oorverdovend stil rond de strijd tegen armoede.
De onderhandelaars kunnen het tij nog keren. Willen ze mensen in armoede niet afzonderen in de ‘bad bank’ van onze samenleving dan is het de hoogste tijd om de laagste inkomens en uitkeringen te verhogen. Mensen in armoede hebben een inhaalbeweging nodig om waardig te kunnen leven. Armoede splitst de samenleving in mensen die er bij horen en mensen die er niet bij horen. Dit splitsingsdossier is bij uitstek de aandacht en de inzet van onze beleidsmakers waard.
Jos Geysels - Decenniumdoelen 2017